Alverzoening

weerwoord voor een dwaalleer Joh. 1:12

Maand: oktober 2016

De leer van alverzoening…misleiding en dwaling

Maakt het uit of je gelooft, en wat ? Moet God het doen, of hebben wij mensen eigen verantwoordelijkheid gekregen? Geeft de Bijbel reden om te geloven “dat het met iedereen (uiteindelijk) goed komt”? Hoe zit het met de dogma’s van de leer der alverzoening?

'Geloof' in van Dale Nieuw Woordenboek der Nederlandsche taal, 1872

Dit onderwerp wordt op talloze websites waarop deze besproken, er is al veel over gepubliceerd Het nodige heb ik in de loop van de tijd gelezen. Een tweetal artikelen beiden van de hand van drs Piet Guijt waren nieuw voor mij, zonet gelezen op de website van Stichting Promise. Veel vragen en onduidelijkheden worden helder uiteengezet. Ter informatie een beknopte samenvatting en verwijzingen.

1 Alverzoeningsleer: een zeer geraffineerde misleiding

Het is bekend dat de boze probeert om met allerlei leugens en dwaalleringen christenen te misleiden. Elke verkeerde uitleg of interpretatie van Bijbelteksten ontneemt het zicht op een goed verstaan van de Bijbel. De indruk bestaat dat de alverzoeningsleer steeds meer ingang vindt, want een begrip als de eeuwigdurende hel of de poel des vuurs waarover de Bijbel spreekt wordt ÔÇÿniet meer van deze tijdÔÇÖ geacht. Lees verder>>>

2 Afrekenen met dwalingen van de alverzoeningsleer

We zullen in dit document van Promise meer in detail ingaan op alle 45 gestelde vragen, die te vinden zijn op een internetsite (19), geschreven door GoedBericht, de stichting die zich bezighoudt met de verkondiging van de alverzoeningsleer. Woordvoerder Andr├® Piet van deze stichting (die zich bezighoudt met de verkondiging van de alverzoeningsleer) probeert een aantal bezwaren tegen deze alverzoeningsleer te kunnen weerleggen. Lees verder>>>

 

 

Wat zegt de Schrift over “alverzoening”?

De prediking van de redding van allen, zonder heel in het bijzonder de nadruk te leggen op de verschrikkelijke gevolgen van ongeloof en tegenstand, is zeer gevaarlijk voor de mensen in het algemeen, want het voert hen af van de noodzakelijkheid der bekering: God is liefde zegt men dan, alles komt vanzelf, in orde. De grote ernst der zonde wordt voorbijgezien, en dan ook het grote werk van Christus aan het kruis. De natuurlijke mens vraagt niet beter dan te worden gerust gesteld, en een dergelijk ,,evangelie” vindt dan ook veel bijval. Verwachten we dan dat men zich uit vrees zal bekeren? Dit zou geen ware bekering zijn.’We leggen er de nadruk op, dat de Schrift zowel van Gods gerechtigheid spreekt als van Gods liefde, en ” te beginnen bij Adam ” er steeds op wijst hoe ernstig de gevolgen zijn van de zonde, namelijk de weerstand of de tegenstand t.o.v. God. De mens moet, door Gods Woord, in de eerste plaats overtuigd worden van zonde; doch, indien men bijna uitsluitend verwijst naar Gods liefde, zal dit doel meestal niet bereikt worden. Een dergelijk eenzijdig “evangelie” is even verkeerd als het te uitsluitend verwijzen naar Gods gerechtigheid en oordeel. Ook hier moet er evenwicht zijn.

 

door S. van Mierlo

Inleiding

In oude tijden, toen de boekdrukkunst nog niet bestond, konden weinige mensen zelf kennis nemen van de Schrift. Daarbij waren de meeste weinig ontwikkeld. Zelfs de “geestelijken”, die door de Kerk belast waren met het onderricht van het volk, hadden slechts zeer vage en gebrekkige notities. Men kan begrijpen dat in dergelijke omstandigheden de noodlottige gevolgen van de zonde op zeer naïeve en realistische wijze werden voorgesteld. Zo sprak men van een hels vuur waarin de zondaars eeuwig zouden onderworpen zijn aan verschrikkelijke folteringen. Zelfs de meer ontwikkelde kerkelijke overheden meenden dat die pijniging geen einde zou hebben, en door de macht van de overlevering is deze gedachte nu nog in zwang. Een meer aandachtig onderzoek der Schrift, heeft velen echter leren inzien, dat – alhoewel Gods geschreven Woord inderdaad leert, dat zij die God blijven weerstaan, die volharden in een bewuste vijandschap t.o.v. God, er de verschrikkelijke gevolgen van zullen dragen – er toch geen sprake is van eindeloze foltering. Steunende, onder meer, op 1 Kor. 15 : 28: “opdat God zij alles in allen” kan men de nieuwere opvattingen in twee groepen verdelen:

1. De onbekeerlijke bewuste tegenstanders zouden in de “poel des vuurs” vernietigd worden, want het ware leven is slechts mogelijk door een geloofsgemeenschap met Christus.
2. Zij, die in de “poel des vuurs”geworpen worden, zouden toch nog behouden worden. In dit tweede geval kan men spreken van “alverzoening”.

Waar dit geschrift meer in het bijzonder tot doel heeft te onderzoeken wat de Schrift leert aangaande “alverzoening”, bepalen we ons er hier toe slechts een enkel woord te zeggen over de eerste opvatting. We menen dat het voornaamste argument tegen die mening is, dat alle mensen geschapen zijn om Gods beeld te zijn en dat men daarom moeilijk kan aanvaarden, dat God dergelijke schepselen zou teniet doen. Voor wat betreft het begrip “alverzoening”, is het nodig met grote aandacht na te gaan op welke wijze die verzoening gerealiseerd wordt. Inderdaad, zoals dat dikwijls gebeurt, kan de ijver om zich te verzetten tegen een verkeerde opvatting (hier de altijddurende folteringen in de “hel”) leiden tot een ander uiterste, dat evenmin schriftuurlijk is.

We willen thans niet ingaan op de bepaalde Godlasterende en anti-schriftuurlijke beschouwingen van sommigen, die niet alleen ijveren voor hun opvatting over de alverzoening, doch daarbij beweren dat God de zonde in de schepping heeft gebracht om Zijn liefde te kunnen bewijzen; dat de mens eigenlijk geen vrijheid en verantwoordelijkheid heeft, en dat noch Christus, noch de Heilige Geest naar hun wezen God zijn.

We zullen vooral rekening houden met de gedachten van anderen, die ook ijverige voorstanders zijn van hetgeen ze “alverzoening”noemen, doch die niet tot dergelijke afschuwelijke opvattingen werden verleid.

>>>>>Lees verder in de pdf<<<<<

Alverzoening © 2016 Frontier Theme